Om te kijken hoe het Brzo-systeem toekomstbestendiger kan worden, hebben de ministeries van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, Infrastructuur en Waterstaat en Justitie en Veiligheid twee onderzoeken laten uitvoeren.

Als eerste is gekeken naar de aansluiting van de drie wettelijke stelsels: die voor omgevingsveiligheid, arbeidsveiligheid en voor rampenbestrijding. In dit onderzoek is geprobeerd om aan de hand van casuïstiek oplossingsrichtingen te beschrijven om meer aansluiting tussen de drie wettelijke stelsels te krijgen, of om te bekijken of er schuring is tussen de drie stelsels.

Het beeld dat de stelsels waarop het Brzo gebaseerd is met elkaar zouden schuren, kon niet ondersteund worden door concrete casussen. De door de partijen ingebrachte casussen blijken met name betrekking te hebben op het domein van telkens één onderdeel van het Brzo en niet op schuring tussen de drie stelsels.
at het gevoel van schuring tussen de drie stelsels niet door concrete casuïstiek wordt ondersteund, betekent niet dat er geen knelpunten worden ervaren of zouden zijn. Het bedrijfsleven ervaart een spanning tussen de volgens de Wabo-vergunning toe te passen techniek en een eventueel door de Inspectie SZWMinisterie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid in een eis tot naleving voorgeschreven techniek.

Wel blijkt dat incidentele knelpunten die zich voordoen doorgaans op uitvoeringsniveau worden opgelost door de samenwerkende toezichtpartijen.

Hoewel niet door middel van concrete casuïstiek is aangetoond dat de stelsels ten opzichte van elkaar schuren, is de conclusie van de verkenning, dat de doelstelling van Roadmap 2 dat het Brzo een helder en eenduidig kader voor alle partijen biedt, nog niet helemaal is gerealiseerd. BRZO+ gaat met het bedrijfsleven hier verder over in overleg om te kijken of de nu gevoelde knelpunten verder weggenomen kunnen worden.  

Het tweede onderzoek is uitgevoerd op innovatieve incentives. Het was de bedoeling om te onderzoeken hoe prikkels in bestaande wet- en regelgeving kunnen worden ingebouwd om te stimuleren dat bedrijven continu verbetering op veiligheidsgebied nastreven. In het onderzoek is uiteindelijk met name naar innovatie gekeken en dan met name naar de verspreiding van innovatie. Voor het succesvol verspreiden van innovatie zijn de volgende kenmerken, al dan niet in samenhang, van belang:

  • Relatief voordeel: de innovatie verbetert (delen van) de bedrijfsvoering waardoor economisch voordeel behaald kan worden.
  • Compatibiliteit: de innovatie past bij de normen en waarden van de organisatie.
  • Complexiteit: hoe eenvoudiger de innovatie, hoe makkelijker de verspreiding.
  • Testbaarheid: een innovatie die kleinschalig kan worden beproefd, bewijst zich makkelijker.
  • Zichtbaarheid: een letterlijk zichtbare innovatie verspreidt zich sneller.
  • Effecten: consequenties die verder gaan dan puur het relatief voordeel (bijvoorbeeld indirecte en/of onvoorziene effecten) vergroten de kans op verspreiding.
    Het optimaliseren van de veiligheid zal vaak onder de noemer van effecten vallen.

Verder blijkt uit het onderzoek dat er geen concrete voorbeelden zijn binnen het Brzo waar door de wet- en regelgeving innovaties worden belemmerd, maar er zijn ook niet echt voorbeelden waarin dit wordt bevorderd. Het Arbostelsel legt een inspanningsverplichting op om te zorgen dat alle risico’s voor werknemers (zo veel als mogelijk) worden weggenomen. Ook moeten werkgevers daarbij continue naar verbetering streven, waaronder het inzetten van innovatie.
Vanuit de omgevingsvergunning valt de prikkel weg op het moment dat er aan de voorwaarden van vergunning voldaan wordt.

Het is belangrijk dat er goede kennis over incentives wordt opgezet bij de overheid en het bedrijfsleven. Dit zou georganiseerd moeten worden. Voor verdere verdieping op dit thema is aanvullend onderzoek nodig.

Brzo bedrijven kunnen wel degelijk op de verschillende wijze worden geprikkeld:

  • De vergunning (‘license to operate’): door de looptijd van de vergunning te verkorten, wordt vaker gekeken naar nieuwe ‘technische’ mogelijkheden voor verbetering van de veiligheid en scherpere normstelling bij het opstellen van een nieuwe vergunning;
  • Benchmarken: hoe verhouden de bedrijven zich tot elkaar als het gaat om innovaties op veiligheid?
  • Scherpere normen. Dit kan eventueel ook juist belemmerd werken;
  • Prikkel elkaar en bouw een innovatie ecosysteem: dit kan heel goed onder de paraplu van de SDN.

Het onderwerp wordt onder de aandacht van de Safety Delta Nederland gebracht.